Bezienswaardigheden

Norgerholt

één van de oudste bossen van Nederland

Tussen Norg, Zuid- en Westervelde ligt het oeroude Norgerholt, bekend als één van de oudste bossen van Nederland. Holt betekent hoog geboomte. Het bos is plm. 25 hectare groot. Aan de zgn. Dalweg, een zandweg, lopende vanaf de weg Norg-Zuidvelde, door het Norgerholt richting Oost-West, staan nog de 4 zware eiken, die ons doen herinneren aan de oude raadszaal van vroeger. Men noemt deze plaats dan ook 't aole Raodhoes. Hier riepen de vroede vaderen (oude markegenoten) door het blazen op de "boerhoorn" de boeren bijeen en werd besloten , wanneer o.a. met het maaien van het koren kon worden begonnen, of de schapen en varkens konden worden geweid op de stoppel. Tevens doet ons deze weg denken aan een zgn. dodenweg, wijl hij in de richting van het hunebed loopt. Onder de bomen ontwaart men een weelderige plantengroei. Er groeit o.a. klaverpeppel, oorwilg, vuilboom, kamperfoelie, lijsterbes, kantvarens, hazelaar, hulst, adelaarsvarens, anemoontjes, lelietjes der dalen, klaverzuring, mos enz., terwijl talrijke eikebomen begroeid zijn met de wilde klimop. Niet alleen eiken, ook beuken, hulst en dennen sieren het bos. Het biedt veel bescherming aan het wild en allerlei ander gedierte. Talrijke vogels van allerlei pluimage bouwen hier hun nest.

Natuurmonumenten

Het Norgerholt was vroeger in bezit van diverse aandeelhouders (markgenoten). Af en toe moesten wel eens dode bomen worden opgeruimd, welke dan door de volmachten onder de aandeelhouders werden verkocht. Op I februari 1946 waren in omloop 480 aandelen zonder nominale waarde ; 24 aandelen waren niet geregistreerd. Bij Norgerholt behoorde ook het "Esmeer", nabij Veenhuizen, waarin vroeger in de meimaand het "schaopwassen" plaats vond. Later werd dit meer door de volmachten verpacht als viswater. Als zodanig op 29 september 1939 verpacht aan de heer B. de Poel, Brigadecommandant Rijksveldwacht te Assen voor f 10,-. Na 1959 verpacht aan A Rijksen J. van Bruggen te Norg. Op 22 februari 1962 geeft de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in een schrijven te kennen het Norgerhout in eigendom te willen krijgen tegen betaling van f 500,- per aandeel. Op een aandeelhouders-vergadering van 15 maart 1962 stemmen plm. 400 van de 480 aandelen voor. Bij deze koopsom was het Esmeer inbegrepen. Thans is het mooie Norgerholt in het bezit van deze Vereniging, wat in zekere zin een waarborg is voor het behoud. Helaas heeft de storm van november 1972 talrijke zware eiken geveld en het bos op vele plaatsen gruwelijk verwoest. Hierdooris minder beschutting ontstaan voor sommige planten, er is reeds een achteruitgang van de lelietjes der dalen te bespeuren. Dat dit stukje ongerept natuurschoon een eldorado is voor de toeristen, behoeft geen betoog. De toeristen weten ook de Tonckensbossen richting Zuidvelde en Veenhuizen wel te vinden. Ook daar kan men overal nog vrij wandelen.

Norgerholt: oerbos of niet?


Er is vrij veel over het Norgerholt geschreven als zou het een oerbos zijn, een laatste stukje oorspronkelijk bos in Nederland. Een dergelijke definitie is echter moeilijk te handhaven in het licht van de geschiedenis van het bos. Als markebos is het eeuwen lang intensief gebruikt. Uit historisch onderzoek blijkt dat er zeker vanaf 1595 (maar waarschijnlijk veel langer) gekapt is en vanaf 1684 geplant. Er zijn vele archiefstukken over verkopingen van hout en aankoop en aanplant van eikels, stekken en telgen. In het bos was een telgenkamp, waar kleine boompjes opgekweekt werden. De stekken werden goed verzorgd: er werd zelfs geschoffeld en bramen en varens werden bij de jonge boompjes weggehouden. De verschillende markegenoten hadden aandelen in het bos, die ook uiteindelijk per stuk (het waren er 48) voor Fl. 500,- aan Natuurmonumenten zijn verkocht. Volgens Fons Koomen, die deze historische studie uitvoerde, kun je het bos dan ook beter zien als een van de oudste cultuurmonumenten op het gebied van het bosbeheer. Wèl heeft het bos een zeer hoge ouderdom, mede getuige de zeer dikke humuslaag die op sommige plaatsen aangetroffen wordt. Naar de theorie van prof. Waterbolk, volgens welke de elementen van het esdorpenlandschap hun vaste plaats vonden in de 9e en 10e eeuw zou het bos zo'n 1000 jaar oud zijn. Bovendien is de samenstelling ervan niet ingrijpend door de mens gewijzigd en heeft de vegetatie een bepaalde evenwichtstoestand bereikt. De samenstelling is heel gelijkmatig en er is een zekere resistentie tegen invloeden van buitenaf. Het is echter niet zo dat bij het huidige 'niets-doen-beheer' van Natuurmonumenten een duidelijke verjonging van de eik optreedt, hetgeen het geval zou moeten zijn als er sprake was van het einde van een successiestadium.

"Geschiedenis én Historie welke waard zijn bewaard te worden voor ons nageslacht."
- Historische Vereniging Norch